Stadsschouwburg Almere foto 2

Ontslagvergoeding

De werknemer die tenminste twee jaar bij een werkgever in dienst is geweest heeft bij ontslag recht op een transitievergoeding. Als het ontslag de werkgever ernstig is te verwijten kan de kantonrechter een aanvullende vergoeding toekennen bovenop de transitievergoeding.

Dat kan ook als de werknemer minder dan twee jaar in dienst is geweest en dus geen recht op een transitievergoeding heeft. Zo’n (extra) vergoeding heet een “vergoeding naar billijkheid’. Vuistregels voor de vaststelling van de hoogte van die vergoeding bestaan (nog) niet. De hoogte van de vergoeding zal in de praktijk afhankelijk zijn van de mate van verwijtbaarheid aan de zijde van de werkgever.

Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat het om zeer ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever moet gaan, wil er überhaupt aanleiding voor toekenning van een vergoeding naar billijkheid zijn. Behalve door toekenning door de rechter kan een ontslagvergoeding ook tot stand komen doordat zij in een beëindigings- of vaststellingsovereenkomst is opgenomen. Werkgever en werknemer hebben er soms belang bij om lange en kostbare procedures over – bijvoorbeeld – de redelijkheid van het ontslag te vermijden. In dat soort gevallen wordt de arbeidsovereenkomst door middel van een vaststellingsovereenkomst beëindigd.

Werkgever en werknemer zijn in de meeste gevallen vrij om de hoogte van de ontslagvergoeding in een vaststellingsovereenkomst te bepalen. Slechts voor “topfunctionarissen” werkzaam in de publieke en semipublieke sector zijn daar grenzen aan gesteld.

Rob Caubo, Marcel Groen en Mandy Oud-Elfferich zijn u graag van dienst.